http://www.deschoor.nl/bovenbalk/bovenbalk101.jpg

Als het gaat om verlichting en apparatuur voor special-effects, komt de term ‘DMX’ zeer regelmatig voorbij. Dat DMX iets met besturing van licht inhoudt, weet de gemiddelde (beginnende) gebruiker van lichtsystemen meestal wel. Maar waarom DMX handig is en wat je ermee kunt, is lang niet altijd duidelijk. Daarom deze zondag een uitleg over de basis van het DMX-protocol.

DMX introductie

DMX is een universeel digitaal protocol voor de aansturing van verlichtingsapparatuur en special effects. Dankzij dit protocol kunnen lampen en special-effects-apparatuur van verschillende types en merken toch functioneren via dezelfde software en hardware.

Denk hierbij aan functies als dimmen, knipperen, van kleur veranderen, shaken, pannen, rook uitblazen enzovoorts. DMX-apparaten kunnen eenvoudig serieel aan elkaar worden verbonden via DMX-kabels en -connectoren (meestal 3-pins).

De huidige standaard is DMX-512. Hiermee is het mogelijk om 512 kanalen tegelijkertijd aan te sturen, waarbij ieder kanaalmaximaal 256 verschillende functies kan uitvoeren. Het geheel aan DMX-apparaten dat tegelijkertijd is aangesloten, wordt ook wel een DMX-Universe genoemd.

Aansturing

De aansturing van de verlichting, en eventueel special-effects-apparaten, gebeurt meestal via één centrale DMX-controller. Met de controller kun je kleur- en bewegingsprofielen instellen. De kleurprofielen zorgen ervoor dat er logica ontstaat in de licht-effecten, en deze in samenhang zijn met de muziek.

Vaak zijn er in de controller standaard al veel profielen opgeslagen. Desgewenst zijn de profielen zelf in te stellen. Er is ook software verkrijgbaar waarmee kleur- en bewegingsprofielen zijn te maken voor de controller. De controller doet in feite niets anders dan 512 kanalen uitsturen met voor ieder kanaal een waarde tussen 0 en 256. Doordat de controller dit doet , is het eenvoudig om enorm veel opdrachten te versturen via één enkel DMX-Universe.

DMX-adressen toewijzen

De apparaten (lampen) en controller communiceren met elkaar via DMX-adressen, een uniek nummer per apparaat. Om de controller goed te laten communiceren met de aangesloten apparaten, moet het juiste DMX-adres worden ingevoerd in het apparaat. Iedere functie (dimmen, knipperen, kleur veranderen etc.) krijgt een eigen deeladres (nummer) toegewezen. Toch krijgt ieder DMX-apparaat maar één adres toegewezen.

Dat werkt als volgt:

Stel, lamp A heeft 8 functies. Dan krijgt dit apparaat de DMX-deeladressen 1 tot en met 8 toegewezen. Voor de controller geldt echter alleen nummer 1. Lamp A krijgt dus DMX-adres 1 toegewezen. Lamp B, het volgende aangesloten apparaat,  heeft 10 functies. Lamp B krijgt zodoende DMX-adressen 9 tot en met 18 toegewezen. Voor de controller is dit nummer 9. Het daaropvolgende apparaat krijgt adresnummer 19. Enzovoorts. De gebruiksaanwijzing van DMX-apparaten vertelt je hierover precies wat je moet weten, zoals het aantal functies van het apparaat en hoe de DMX-adressen in te voeren.

Conclusie

Kortom: dankzij DMX kunnen allerlei soorten lampen en andere DMX-apparaten eenvoudig met elkaar communiceren. Het maken van een lichtshow, eventueel met special effects, wordt zo een stuk eenvoudiger. Voor iedere (mobiele) DJ is het mogelijk om een eigen DMX-Universe samen te stellen, met eigen stijlkenmerken.